zaterdag 3 april 2010

Ons het nie besef nie!






Die tijd stap hopeloss te vinnig aan! Ons het nie besef ons is reeds in Namibia nie. Ons geniet elk oomblik en die oop landskappe bly werkelyk asemrowend.



Als zombies dwaalden we de eerste dag door de straten van Kaapstad. Gillie - Bali - Java - Abu Dhabi - Brussel - Londen - Kaapstad op 4 dagen was toch wat te veel. Bovendien hadden we elke mogelijke backpacker afgelopen naar een betaalbaar bed. World cup fever!


Kaapstad betekende uiteraard Robbeneiland, V n A Waterfront, Longstreet, The Gardens, SA Museum (mooie mineralen), Camps Bay, Table Mountain, Townships ... Daarnaast moesten we vooral uitdokteren hoe we in hemelsnaam in Tanzania gingen geraken. Na veel internetten, lezen, telefoneren en rondhoren botsten we op Andre Viljoen! Recht uit de bush in kaki-kostuum inclusief kniesokken. Na 3 weken weten we nog altijd niet hoe cool onze Toyota Hilux - Ranger Bushcamper juist is ... in ieder geval behoorlijk cool: rooftop tent, 4x4, indrukwekkend stel banden en een heleboel tools die we hopelijk niet al te veel nodig zullen hebben.








Na 10 dagen voorbereiden en wachten doken we met klamme pollekes de Bushcamper in, recht het Kaapse spitsuur in. Eerste stop 'Stellenbosch' met slechts 1 doel, klaarmaken voor de Grote Trek: koffer vol wijn steken en de extra water- en dieseltanks vullen. De uittocht uit Kaapstad maakt je toch wel even stil. Van het hippe Kaapstad - door de golfplaten Cape Flats - recht de prachtigste wijngaarden in. Een land van grote contrasten.


De Westkust is werkelijk asemrowend en na enkele dagen waren we overtuigd dat kamperen de beste beslissing ooit was. Scheurend door het dorre wijdse landschap enkel geflankeerd door elektriciteitspalen en bergen. Vanuit het niets duikt er plots een dorpje op met groene tuintjes vol rozenstruikjes. Van zodra je denkt er even te stoppen ben je er al terug voorbij. s' Avonds beland je zonder twijfel op een prachtige camping aan de kust, in de bush, in de bergen of in een gezellig dorpje. De braai wordt aangestoken, flesje ontkurkt, vleseke erop, kletske met de buren, sterrekes zien ... baai genieten!

Kamperen is wel duidelijk in het blanke Zuid Afrika. Mensen zijn ongelooflijk vriendelijk en geinteresseerd. Toch durven ze ons al eens door de politieke correcte haren strijken. Ze kunnen hier nog wel wat generaties gebruiken.

Op de grens met Namibia en Botswana doken we het Kalagadi Transfrontier Park in. Om de grens met Botswana over te steken moest je een experienced 4x4 driver zijn. We speelden op veilig en kozen de Namibische richting. Onze eerste game drive leverde gelijk een cheetah op een een fine omdat we te laat aan de Gate waren. Door de volgende dag voor dag en dauw te vertrekken wisten we de ranger te verschalken. Na enkele kilometers stonden we oog in oog met een leeuw die duidelijk tegen een stekelvarken was aangelopen. Iets verderop leerde een cheetah moeder haar twee welpen een impala te vangen. De oefening duurde gruwelijk lang en hopelijk graast het impala jong nu vredig in de impala hemel. De laatste dag besloten we ons met een pick nick gewoon ergens te zetten en te zien wat er gebeurde. Een impala jong met een reeds beknabbeld pootje hinkte hopeloos achterop en zakte van vermoeidheid in elkaar. De moeder keek met angst naar het jong en de bosjes iets verderop ... en met rede: Dikke Simba en zijn poezeke! Toch hadden ze blijkbaar meer oog voor elkaar en zoekend naar een stukje schaduw ploften ze zich naast onze auto neer. Grote gele ogen kijken je recht aan! Mooie afsluiter voor Zuid Afrika.
















Wij kussen nog elke dag onze pollekes dat wij dit mogen en kunnen doen. Ondertussen zijn we in Namibia op zoek naar de beste Mathijs-in-witte-jeep-met-gigantische-stofwolk-achter-hem-foto. Tot groot jolijt van Femke.












Geen opmerkingen:

Een reactie posten